U bent hier

2.4. Artikel 14 - Het productiebeleid

1.Interne producties: Ipro, het interne productiehuis

Artikel 14 § 2: “De VRT investeert permanent in haar interne productie. De VRT vormt het eigen productiehuis om tot een bedrijfsafdeling (Ipro) die kwaliteit levert en aantrekkelijk is voor creatief talent.

Per genre legt VRT de programma’s vast die zij intern wil produceren. Nieuws- en duidingprogramma's zullen steeds door Ipro geproduceerd worden. Relevante criteria om al dan niet intern te produceren zijn de aansluiting bij de nieuws- en informatieopdracht, het risico (deontologisch, strategisch volume, e.d.), de format- en archiefrechten, de ontwikkeling van talent, en het aanbod aan externe alternatieven.

De VRT zorgt ervoor dat zij steeds de competenties zelf ter beschikking heeft die nodig zijn om Nieuws en duiding, strategische programma’s en cruciale programmaslots in te vullen.” 

 

Om te voldoen aan deze bepalingen dient de VRT de programma’s per genre vast te leggen die zij intern wil produceren.

De VRT geeft met volgende gegevens aan op welke punten zij voldoet aan de bepalingen:
 

Productiebeleid

Het aanbod van de netten is samengesteld uit VRT-producties, extern gemaakte producties en aangekochte programma’s. De programmering van de netten wordt vastgelegd door de directie Media die ook bepaalt of een programma intern (directie Productie/Operationele Afdelingen) of extern (Vlaamse productiehuizen) wordt gemaakt.

 

Het interne Productiehuis

Het intern productiehuis levert programma’s af binnen de aangepaste contouren van mensen en middelen. Bij de opmaak van de productieschema’s werd de productiestrategie (uitgetekend in 2009) toegepast. Nieuwsuitzendingen, sport en culturele programma’s van het intern productiehuis worden sterk gewaardeerd. Het interne productiehuis werkt samen met HR aan talentontwikkeling, ruimte voor creativiteit en goed leiderschap, om ervoor te zorgen dat VRT Productie aantrekkelijk blijft voor talent.

Het productiehuis Radio met zijn 5 radionetten maakt deel uit van het interne productiehuis. Radio 2020 is een grote oefening om de radio-organisatie duidelijker te maken. In 2012 wordt dit project verder uitgerold zodat radio klaar zal staan voor de toekomst, die multiplatform zal zijn. Er werd met de Stad Leuven een overeenkomst gesloten om de redactie en uitzending van Radio 2 Vlaams-Brabant onder te brengen in de vroegere lokettenzaal van het stadhuis. De renovatie werd opgestart en de verhuizing staat gepland voor medio 2012.

De werking van de redactie van Productiehuis Jong voor Ketnet werd grondig aangepakt om vanaf het voorjaar elke dag live in de ether te gaan met de vernieuwde Ketnet live Wrap en Ketnet king size, het live weekend-ochtendprogramma.  Productiehuis Jong produceerde meer fictie dan de vorige jaren: o.a. Elfenheuvel en de laatste reeks van Kaatje’s tralalaatjes.  Het productiehuis organiseerde ook het evenement Speak Up om de eerste stappen te zetten richting nieuw jongerenaanbod.

Het Televisiehuis bleef innoveren en ontwikkelde voor Eén en Canvas acht nieuwe programmatitels waaronder De vloek van Osama, het taalprogramma Man over woord, De patat, het spelprogramma De slimste thuis en leverde ook de klassiekers als De Canvascrack, 1000 zonnen, Vlaanderen vakantieland, Thuis en Witse op. Voor entertainmentprogramma’s wil Het Televisiehuis de komende jaren vooral op relevantie werken: het format van Vrienden Van De Veire werd bijgestuurd en er wordt aan de invulling voor het dagelijkse programma tussen Het Journaal en Thuis gewerkt.

Het Productiehuis Operationele Activiteiten (OA) zette op technologisch vlak stappen in de verdere vernieuwing van de infrastructuur naar high definition en de transmissieapparatuur voor de tijdelijke verbindingen. De overgang naar het gebruik van LED licht in productiecontext werd ingezet, met als belangrijkste voordelen een veel lager stroomverbruik voor eenzelfde lichtopbrengst.

 

Productiecijfers

Radio

De totale radio-output bedroeg 86.787 uur.

 

Televisie

De netto-programmazendtijd voor televisie bedroeg 10.033 uur, een lichte stijging met 65 uur ten opzichte van 2010 (9.968 uur). De toename is te verklaren door Ketnet, dat zowel tijdens de week als in het weekend het aantal uitzenduren gevoelig uitbreidde (van 2.986 uur in 2010 naar 3.313 uur in 2011). Eén en Canvas zonden in 2011 respectievelijk 147 en 114 uur minder uit dan het jaar tevoren. 3.249 uur waren door de VRT geproduceerde tv-programma’s die voor de eerste maal werden uitgezonden (dit is inclusief coproducties en producties in opdracht). Met inbegrip van de herhalingen was het volume eigen producties 5.362 uur. Dat is 53,4% van de nettoprogrammazendtijd (55% in 2010).

 

Eigen productie Eén en Canvas/Ketnet

(eerste uitzending: 3.249 uren)

Een “Eigen productie” betekent hier een productie die gemaakt werd door een intern productiehuis van de VRT, een commissioned productie (= een productie die uitbesteed is aan een extern productiehuis), of een coproductie.

 

Grafiek 12: Interne programma's: overzicht per thema

Grafiek 12: Interne VRT-programma’s: overzicht per thema - beschrijving

 

Conclusie: De VRT blijkt deze doelstellingen behaald te hebben.

 

2.Externe producties

Artikel 14 § 3:“ De VRT heeft de opdracht om actief te participeren in de Vlaamse audiovisuele sector.

De VRT werkt samen met verschillende Vlaamse productiehuizen. Bij het uitbesteden van haar producties hanteert de VRT een aantal criteria:

1° Nieuws en duiding worden nooit uitbesteed.

2° Programma’s die strategisch belangrijk zijn worden in principe door de VRT zelf gemaakt.

3° Cruciale programma’s die de VRT niet zelf kan maken, vertrouwt zij toe aan geselecteerde productiehuizen waarmee zij een strategisch partnership heeft.” 

 

Om te voldoen aan deze bepalingen dient de VRT samen te werken met verschillende Vlaamse productiehuizen.

De VRT geeft met volgende gegevens aan op welke punten hij voldoet aan de bepalingen:

 

De steun aan de Vlaamse productiehuizen en beeldindustrie.

Volgens de beheersovereenkomst moet het aandeel van de Vlaamse tv-(co) producties in het tijdsblok 18-23 uur 50% van de totale output op Eén en Canvas/Ketnet bedragen. In 2011 was 66,4% van de uitzendingen in dat tijdsblok een Vlaamse productie.

De VRT ondersteunt de Vlaamse media-industrie op verschillende manieren:

  • via rechtstreekse productiebestellingen bij onafhankelijke productiehuizen
  • via strategische partnerschappen met een aantal onafhankelijke productiehuizen;
  • via coproducties;
  • via bestellingen bij facilitaire bedrijven (onder andere het huren van externe studio’s, het extern monteren en het inzetten van externe filmploegen);
  • via de samenwerking met het Vlaams Audiovisueel Fonds.

Externe productiehuizen, facilitaire en andere bedrijven uit de Vlaamse audiovisuele sector leveren producties en diensten aan de VRT. De Vlaamse productiehuizen leverden voor 55,3 miljoen euro diensten aan de VRT. (in 2010 was dit 52,5 miljoen euro)

De VRT heeft een ontwikkelingsfonds om de ontwikkeling van mediaconcepten en formats te ondersteunen. Met dit ontwikkelingsfonds werd 411.993 euro onder onafhankelijke productiehuizen besteed door de VRT-netten.

De VRT zond nieuwe programma’s van volgende Vlaamse productiehuizen uit: 3Keys, 8 op 10, Ded’s It, Elisabeth, Eyeworks, Kanakna, Koeken Troef, Primo Piano, De Raconteurs, Riche, Riche & Riche, Sputnik, Sultan Sushi, Sylvester Productions, De TV makers, VKG en Woestijnvis.

De VRT had strategische partnerschappen met De Filistijnen, De Mensen, Hotel Hungaria, Studio 100 en Woestijnvis (tot half 2011).

Het exclusiviteitscontract met het productiehuis Woestijnvis liep af in juni 2011. Begin 2011 besliste de VRT om een overgangsjaar in te bouwen tot juni 2012 op basis van een niet-exclusief eenjarig contract met het productiehuis. Voor de periode na juni 2012 werd beslist dat Woestijnvis mee kan inschrijven op VRT-programmabriefings onder dezelfde voorwaarden als andere productiehuizen, op voorwaarde dat het productiehuis onafhankelijk zal opereren ten opzichte van het moederhuis De Vijver en zijn omroepen. Met deze beslissing kwam 18 miljoen euro vrij voor de externe productiesector.

 

Conclusie: De VRT blijkt deze doelstelling behaald te hebben.