U bent hier

3.3 PRIJSEVOLUTIE VAN MEDIAPRODUCTEN

Over het algemeen bestaat er een verband tussen het aantal aanbieders in een productmarkt en de prijs die de consument betaalt voor een product. Binnen de verschillende schakels van een productketen kunnen verschillende graden van concentratie heersen en zoals eerder gesteld, geldt er een dubbelzijdigheid op de markt voor mediaproducten.

Daarbij betaalt de adverteerder aan de producent van het mediaproduct, maar is de vergoeding die de consument voor zijn aandacht ontvangt niet gemonetiseerd (bv. hij krijgt in ruil kwalitatief betere programma’s). Dit maakt de link tussen concentratie en prijsniveau zeer moeilijk kwantificeerbaar.

Afhankelijk van de mediavorm bestaat de kost die een consument betaalt ook uit verschillende elementen.
Soms is er een eenmalige investering in infrastructuur vereist, soms niet. Een schets maken van de prijsevoluties van de verschillende mediavormen vergt dus telkens een verschillende aanpak.

Zoals de afgelopen jaren worden hieronder een aantal prijsevoluties per soort product geschetst. De evolutie van de advertentiebestedingen sluit de reeks nog steeds af.
Er moet wel opgemerkt worden dat de FOD Economie dit jaar het basisjaar voor zijn consumptieindexcijfer (CPI) van 2004 naar 2013 heeft gebracht. Tegelijkertijd werd de CPI aangepast aan de nieuwe Europese COICOP-nomenclatuur (Classification of Individual Consumption by Purpose oftewel Classificatie van consumptieve uitgaven). De vroegere cijfers werden herberekend naar de nieuwe classificatie waardoor er nog steeds een evolutie teruggevonden kan worden vanaf 2006.[131]
Door de aanpassing kunnen er echter geen aparte indexcijfers meer opgelijst worden voor radio en televisie. Zij vallen nu in de consumptie-indextabel onder de noemer ’09.4.2.3. kosten voor radio en televisie’. De indicatoren in de grafieken van geschreven pers en internet wijzigen niet.